Dochterlief heeft haar voorlopig rijbewijs en dus rijden we tegenwoordig samen wat rond. Zij oefent haar bochten, ik oefen mijn ademhaling. Win-win.
We proberen er altijd een klein toertje van te maken, want alleen rondjes draaien op een industrieterrein? Neen, bedankt. Dus vandaag: richting Laakdal via Tessenderlo, waar we per toeval een parel van een koffiehuisje vonden.
Kasteel Kaneel. Ja het klinkt even sprookjesachtig als het eruitziet. Denk: een mini-kasteeltje, romantische roze tinten, gedroogde bloemen en gouden bestek dat je gebakje nét iets specialer doet voelen.
We parkeren de auto, stappen uit… en jawel: trapjes omhoog naar de ingang, want hoe kan het ook anders? Gezelligheid moet je verdienen. Maar eerlijk: na enkele treden waren we al verkocht.
En dat gezellige gevoel komt niet uit de lucht gevallen: het is een echt familiezaakje. Vader bakt er brood en taart, de echtgenoot staat achter de potten en pannen en de vrouw des huizes zorgt dat jij je welkom voelt vanaf de eerste ‘goededag’. En ja, dat proef je.
Binnen wordt je verrast met enkele leuke gouden quotes en super vriendelijk personeel.
We ploften neer voor koffie (en iets lekkers, want duh) en genoten even van het feit dat je soms écht tot rust kan komen op de meest onverwachte plek. Extra pluspunt: ze werken samen met lokale handelaars, waardoor alles nog net dat tikkeltje beter smaakt.
Dus, moest je ooit in de buurt van Laakdal verdwalen (of gewoon een reden zoeken om dat te doen): zet koers naar Kasteel Kaneel. Rijbewijs niet verplicht, zin in gezelligheid wel.



